Tagarchief: Duurzaam

Young_rhubarb_487848166[1]

Rabarber breekt batterij-technologie

Young_rhubarb_487848166[1]

Rabarber in volle ontwikkeling. Foto via wikipedia.com (CC).

De achilleshiel van de overgang naar een wereld op hernieuwbare energie is batterijtechnologie. Onderzoek naar de beste batterijen is daarom toponderzoek. Het lijkt nu dat een Harvard-team een belangrijke doorbraak heeft weten te forceren. De doorbraak ligt in de eerste werkende versie van een batterij op basis van louter organische moleculen. Veel goedkoper en duurzamer dan batterijen op basis van metalen. De gebruikte moleculen zijn nauw verwant met rabarbermoleculen.

Vloeibare batterijen

In onze huis- en tuinbatterijen wordt de elektrische lading vastgehouden door een metaal. Sinds lang zijn er ook batterijen gekend waar de vloeistof zelf de lading draagt. Uiterst handig want die vloeistof kan herladen worden en vervolgens doorgepompt naar opslagvaten. Wanneer nodig kan deze vloeistof dan doorgepompt worden in de batterij. Die kan dan elektriciteit produceren.

Het probleem met dergelijke batterijen was de vloeistof. Deze was tot nu toe op basis van vanadium of platinum. Het voordeel van vanadium is dat het in water tot vier elektronen aan zich kan binden. Het materiaal is echter duur, eindig en de energiedichtheid is laag waardoor reusachtige vaten noodzakelijk zijn.

Belang voor hernieuwbare energie

Hernieuwbare energie kan geen oplossing bieden voor ons enorme energieverbruik zolang we de energie niet kunnen opslaan. Elektronen die in een vloeistof worden opgeslagen, kunnen in een vat gepompt en bewaard worden. Een aantal van dergelijke vaten kan bij zonnepanelen of windparken geplaatst worden en ter plaatse overtollige energie opslaan. Deze kan dan gebruikt worden in periodes dat er minder zon en wind beschikbaar is.

Rabarberquinones

De voorgestelde batterij werkt op basis van een quinones. Quinones zijn molecules die in staat zijn elektronen te transporteren. Essentieel voor het elektronentransport doorheen celwanden vormen ze een essentieel deel van de cellulaire protonenpomp – de feitelijke batterij van de cellulaire motor.

Via zogenaamde high-througput scanning heeft men een 10000-tal verschillende quinones geanalyseerd op hun eigenschappen. De meest geschikte quinone is nauw verwant met gelijkaardige rabarbermoleculen.

Beginstadium

Zoals bij alle onderzoek is dit een eerste stap. Als proof of concept werkt het. Over energiedichtheid werd met geen woord gerept en dat bepaalt hoe groot het opslagvat zal worden. In de volgende stadia dient het ontwerp geoptimaliseerd te worden. Het belang van dit onderzoek is echter al duidelijk: een oplossing voor hernieuwbare enrgieopslag zonder gebruik van metalen. Voor de ontwikkeling van een echte bio-economie moet naast de afschaffing van fossiele brandstoffen, ook metalengebruik sterk gerationaliseerd worden. Deze doorbraak heeft effect op beide fronten.

Link naar Nature publicatie: A metal-free organic–inorganic aqueous flow battery

(Via climateprogress.com)

Autodelen in Antwerpen, foto detail via zoe verbaeten, zoeverbaeten.wordpress.com

Volwassen toekomst voor autodelers

autodelen v1De toekomst ziet er goed uit voor u, autodeler. U bevindt zich in een segment van de economie dat voor kort niet bestond, en waarvan de tweecijferige jaarlijkse groei duidelijk maakt dat het gewild is, relevant zelfs.

Uw vervoer is goedkoop, vooral in het geval van particulier autodelen. Het is zelfs zo dat u perfect de kosten voor een wagen op voorhand kent.

U kiest bewust wanneer u een wagen wenst te gebruiken, dus daarnaast fietst u of gaat u te voet. Die variatie is goed voor uw gezondheid .

U hebt geen parkeerproblemen meer. Beter nog, gemeentes reserveren parkeerplaatsen specifiek voor u. Want uw gedrag creëert open ruimte in de stad. Van alle positieve effecten die u, autodeler, teweegbrengt, veroorzaakt uw teruggeven van ruimte het sterkste effect.

U bent goed georganiseerd. De afgelopen tien jaar werden juridische en organisatorische knelpunten weggewerkt. U beschikt nu over specifieke verzekeringen die uw gedeelde acties dekken.

Met uw inititiatief verlaagt uw impact op het milieu gevoelig. Elke deelwagen houdt vier tot dertien wagens uit de straat. U verlaagt uw koolstofuitstoot met het equivalent van zes volwassen bomen per jaar per wagen.

Naar men zegt zou u ook gelukkiger zijn.

En blijkbaar kan het nog beter. Dat vonden Autopia, Cambio en Dégage ook. Voor de tiende verjaardag van Autopia wordt een koepelorganisatie opgezet. U kunt uitkijken naar verdere vereenvoudiging van het autodelen, nieuwe initiatieven, vertegenwoordiging van uw belangen bij de overheid. Structurele verankering heet dat.

Coming of age van de deel-economie? De eerste stappen lijken gezet.

Haven van Antwerpen bij Lilo, via Flickr, CC via goya

Koolstofarm België 2050: Doe het Zelf

Haven van Antwerpen bij Lilo, via Flickr, CC via goya

Haven van Antwerpen bij Lilo, via goya@Flickr, CC license

De transitie hapert. België koolstofarm krijgen blijft een weerbarstig verhaal. In Warschau bengelden we schamel achteraan. We dienden toe te geven wat al lang geweten was: onze 2020 doelstellingen zijn niet haalbaar. Versnippering op regionaal en organisatorisch vlak leiden tot een bloedeloze impasse. Als de blinden van Breugel waggelen we een toekomst in op basis van “korte termijn denken”, “afwezigheid van goed bestuur” en het “ontbreken van een duidelijk strategisch kader” zoals het nationaal onderpresteren verklaard werd door de nieuwe voorzitter van de Federale Raad voor Duurzame Ontwikkeling, Magda Aelvoet.

Gelukkig geven enkele verlichte lieden van onze federale administraties de moed niet op. Met een nieuw initiatief (http://www.klimaat.be/2050) trachten ze een zwalpend schip terug op koers te krijgen. Het roer van dienst is een nieuwe rekentool en een rapport: “Scenarios for a Low Carbon Belgium by 2050″ wat zoveel betekent als “Hoe gaan we België koolstofarm maken tegen 2050?”. (Links: Samenvatting en Volledige Rapport)

Onze mening (waar zijn de zeronauts in de regering?)

Het rapport wordt gekenmerkt door veel goede wil en een pak halfbakken conclusies. Zoals Bernard Mazijn het stelde: “Ik vrees dat dit rapport jullie te comfortabel doet voelen.” Wij misten vooral de terugkoppeling naar onszelf, de burgers van dit land. Vreemd want gedurende presentatie stond onze collectieve verantwoordelijkheid centraal - onthou de woorden “met zijn allen”, “ensemble”, “allen”, “gedragsverandering”, …. Ons bescheiden vermoeden is dat het engageren van “het collectief” veel meer vraagt dan de mening van 150 experts. “Men is er zich bewust van”, werd er verteld maar de antwoorden tijdens het vraaggesprek bleven steken op het niveau van groepsaankopen, gedeeld wonen, en de holle slogan “iedereen kan duurzame keuzes maken, elke dag”, yeah… sure. Voor de ware zeronaut valt het geheel dus te licht uit maar we halen er voor u het beste naar boven, en een beetje kritiek.

De rekentool (Creëer je eigen scenario’s)

Een vernuftig stukje webapplicatie dat toelaat met veel knopjes te spelen. De bedoeling is dat we zelf onze visie op een koolstofarm België 2050 simuleren. Wij probeerden voor zeronaut de 100% te halen maar dat lijkt onmogelijk (hierzo). Het ding heeft vooral een educatieve waarde (duurzaamheid, complexe systemen, …). Hoewel hevig gepromoot door de gezagvoerende opperambtenaar en zijn baas federaal staatsecretaris van leefmilieu Melchior Wathelet zal het vele werk dat in het ontwikkelen kroop relatief weinig respons krijgen.

Een map van koolstofarme initiatieven in België en Europa

De initiatieven dienen overheidsgesteund te zijn, een interessant overzicht. Let op Limburg – de streek van de steenkooldelvers munt uit in antikoolstofinitiatieven. Revenge, a dish eaten cold…

Het plan: 80% tot 95% minder broeikasgassen uitstoten in 2050

De eerste grafiek van het rapport is direct een miskleun. Afgaand op de hellingsgraad in het midden van de grafiek projecteert men hier verwachte snelheden van NMBS treinen tot 2050. Weergegeven met een weinig fraai samenspel van lijnen en kleuren.

Nota: Die -5,1% per jaar is geen lineare extrapolatie maar een pijl, symbool van “een utopie”.

Het rapport zelf: “Economische groei komt niet in het gedrang”

Een bijzonder bevreemdende conclusie nadat gesteld werd dat “computing external costs and benefits of the scenarios, (…), fall beyond the scope of this study.” Via 5 scenario’s die vertrekken van het 2020 scenario van de EU – dat we al niet halen - schetst men dan mogelijke toekomsttrajecten…

Het kern (core) scenario lijkt het belangrijkste: op alle vlakken zoveel mogelijk doen maar vooral redelijk blijven. De 95% doelstelling wordt als onmogelijk aangenomen, zoveel werd impliciet bevestigd door het gehamer op de 80 door de heer Wathelet. De grafiek vindt u hieronder.

Mijlpalen: handig overzicht

Met dank voor dit handige schema. Een duidelijke en bruikbare beleidsbenchmark.

De conclusies.

(Dit artikel werd aangepast - ingekort - door de auteur op 28/11)

logo_Europe b&w

Snelst groeiende campagne ooit naar Europa

Fossilfuelsfree

Tussen oktober 27 en 1 november e.k. komt de snelst groeiende campagne ooit naar Europa. Met 350.org’s Bill McKibben en medestanders pleit de campagne in vijf Europese steden voor een verdere afbouw van investeringen in fossiele brandstoffen. De tournee bouwt verder op een gelijkaardige evenement “Do The Math” in de VS, Australië en Nieuw-Zeeland waar meer dan 300 colleges, universiteiten, meer dan 100 steden en staten en een tientallen religieuze instituten zich engageerden voor desinvestering.

Dringende desinvesteringen noodzakelijk

De desinvesteringsoproep wordt jaar na jaar dringender. Het recente rapport van het Internationaal Klimaatpaneel (IPCC) bevestigde de wiskunde die de grondslag voor de tournee vormt: de zogenaamde olie-industrie – in feite steenkool, gas en olie – bezit vijf keer meer koolstof in zijn reserves dan wat we veilig kunnen opstoken om de opwarming van de aarde onder de 2°C te houden (Zie onze vorige artikes: De Co2 Bubble, IPCC 5de rapport, Grootste gevaar via nog te bouwen CO2-bronnen). Ook de Wereldbank, HSBC en het Internationaal Energie Agentschap bevestigen deze stelling. Eenvoudig samengevat kunnen we concluderen dat het huidige business plan van de olie-industrie incompatibel is met een duurzame beschaving. Vandaar de noodzaak tot een desinvesteringscampagne die dag na dag aan kracht wint.

Snelst groeiende campagne ooit

Vorige week publiceerde Oxford University een studie (“Stranded assets and the fossil fuel divestment campaign: what does divestment mean for the valuation of fossil fuel assets”) waaruit blijkt dat de 350.orgs divesteringscampagne nu reeds de sterkst groeiende campagne in de geschiedenis is - zelfs sterker dan de Anti-Apartheidsbeweging van de jaren ’60.

Europa is het volgende front voor Bill McKibben. Als thuishaven van enkele van de grootste aandelenmarkten en corporaties van de wereld, kan het oppikken van de “Fossil Free Europe” campagne in onze regio een verreikende en serieuze bedreiging vormen voor de winstmarges van de olie-industrie.

Huidige desinvesteringen binnen Europa

De verstgevorderde desinvesteringscampagnes bevinden zich op dit moment in het VK via organisaties als People&Planet op universiteiten en Project Noah en Bright Now voor religieuze organisaties en sinds kort ook UK Quakers. Ook Duitsland, Denemarken en Zweden hebben initiatieven lopen voor desinvestering. In Zweden heeft de Zweedse Centrumpartij het 110 miljard euro wegende nationaal pensioenfonds opgeroepen hun aandelen in oliebedrijven te verkopen.

De olie-industrie mag de machtigste industrie op aarde zijn, een groeiende globale beweging gaat voor de confrontatie.

(Dit artikel is gebaseerd op een artikel van Jamie Henn, co-oprichter en hoofd communicatie van 350.org)

gursky2

10 mythes van duurzame consumptie

gursky2

Andreas Gursky, 99 cent ©

Norden, het samenwerkingsverband van Skandinavische landen, heeft een rapport “Improving Nordic policymaking by dispelling myths on sustainable consumption” gepubliceerd waarin 10 hardnekkige mythes over duurzame consumptie worden benoemd, ontleed en bestreden. Het rapport is vooral gericht aan beleidsmakers die keer op keer en met open ogen mee in de wereld van de mythologie tuinen. De 10 mythes geven we hieronder. Het is stilaan gemeengoed dat de focus bij duurzame innovatie steevast te eng is gericht op technologische vooruitgang. Volgens de auteur zitten die mythes er voor iets tussen. Zij pleiten voor sociale innovatie, nieuwe business modellen en anders consumeren. In hun woorden:

… Some persistent misconceptions – myths – about consumer behaviour have perpetuated in the mainstream discourse on sustainable consumption, especially in policy circles. Holding on to these myths encourages policy makers to place the main focus on technological innovation aiming at production and product efficiency, leaving social innovation, alternative value-creation models and sufficient consumption without much needed support.

De 10 mythes

Mythe #1: Groene consumptie is dé oplossing

Het geloof dat met behulp van technologische oplossingen producten zodanig duurzaam kunnen worden gemaakt dat ze de negatieve impact van onze consumptiepatronen kunnen indijken of zelfs helemaal oplossen

Mythe #2: Consumenten leiden de duurzame transitie

Uiteraard kan elke consument duurzame keuzes maken in het huishouden. Maar daarom de verantwoordelijkheid voor de duurzame transitie bij de individuele burgers en hun ‘groene consumptie’ leggen is een vorm van ‘consumer scapegoatism’.

Mythe #3: Als iedereen iets doet, bereiken we heel wat

Eigenlijk is dit geen mythe maar een ware stelling. Maar de conditie ‘als iedereen’ lijkt torenhoog en wordt begrepen als: ‘enkel als iedereen het doet, haalt het iets uit dat ik iets doe’. Dat leidt er in de realiteit vaker toe dat mensen gedemotiveerd geraken en hun gedrag niet wijzigen.

Mythe #4: Kleine duurzame acties hebben een domino-effect

Dit is het voet-in-de-deur-principe. Eens iemand ecologisch begint te ageren, volgen er nog meer acties. Als iemand papier recycleert, zal die later ook wel biogroenten kopen. Niet bewezen.

Mythe #5: Betere informatie leidt tot duurzaam gedrag

Met meer en betere informatie, zullen mensen betere keuzes maken. De mythe hier is dat mensen rationale, economische wezens zijn die perfect voor- en nadelen afwegen. Klopt niet weten we via behavioral economics.

Mythe #6: Duurzaam gedrag, enkel uit eigenbelang

Vertel de mensen wat er in zit voor hen, en ze zullen op de kar springen. Zet sterk in op extrensieke waarde wat sowieso de denk- en gedragspatronen in lijn houdt met huidige consumptiepatronen. Resultaten vallen ook tegen wanneer het gaat om het opgeven van populaire zaken zoals op vakantie naar de zon met het vliegtuig. Ook wat als de gedragswijziging geen impact heeft op het eigenbelang?

Mythe #7: Duurzaam leven is voor holbewoners

Een hardnekkige mythe die vaak wordt gehoord, is dat duurzaam leven zoveel betekent als het stoppen van vooruitgang en lagere leefstandaarden aanvaarden. Dus moet je er mee leren leven, het is minder leuk, minder relax, het kost moeite. Deze mythe is sterk verbonden met mythe #8: dat veel consumeren ook veel geluk geeft. Het resultaat is dat mensen minder geneigd zijn duurzame keuzes te overwegen.

Mythe #8: Geld en consumptie maken gelukkig

Consumeren is geluk is consumeren is geluk. Je bent maar gelukkig, je bent maar iemand, als je kan consumeren.

Mythe #9: Bezit is fundamenteel

De redenering is schematisch de volgende: de liberale, democratische maatschappij is gebouwd op de notie dat privé-eigendom een fundamenteel recht is. Producten bezit je als je ze koopt. Veel consumptie is dus een must voor de liberale, democratische maatschappij. Tja. In 2001 werden in Europa 50 miljoen grote en 200 miljoen kleine electro-producten verkocht. Die consumptie neemt steeds toe. Tegelijkertijd daalt de totale tijd dat de producten worden gebruikt. Delen is dus een zinvol alternatief maar botst met diepgewortelde noties van burgerzin en eigenwaarde.

Mythe #10: Duurzaam consumptiebeleid is controversieel

Consumenten zijn soevereine wezens en ‘de politiek’ mag zich niet moeien. Politici die dat wel doen, verbranden hun vingers.

10-mythes-van-duurzame-consumptie-zeronaut

The Sower, Van Gogh

De EU zadenwet: onze erfenis, onze toekomst

The Sower, Van Gogh

The Sower, Van Gogh

“Zaden zijn het begin van alle leven, het begin van onze voedselketen, zelfs het begin van onze beschaving. Daarom zou het logisch zijn dat ze democratisch beheerd worden en deel uitmaken van ons gemeenschappelijk bezit, onze commons.”, zo begint het flinterdunne boekje dat net uit te lezen valt tijdens een busrit tussen Brussel en Ninove.

De Wet van de Zaden” is de Nederlandstalige uitgave van “The Law of the Seed”, een pamflet van Vandana Shiva en een groep wetenschappers en wetspecialisten. Door toegankelijkheid te combineren met wetenschap, wetgeving en tientallen jaren ervaring krijgt de tekst een enorme doeltreffendheid en kracht.

De nieuwe Europese zadenwet

De tekst is een voorstel voor de burgers van Europa en de wereld om op een alternatieve manier om te gaan met zaaigoed. Gebaseerd op toegankelijkheid, soortenvariatie, genetische verscheidenheid en een robust ecosysteem suggereert de Indische activiste een alternatief voor het groeiende monopolie van de agro-industrie in het algemeen en de zaad-industrie in het bijzonder (zie grafieken onderaan tekst).

Naar aanleiding van het nieuwe Europese wetsvoorstel dat dit monopolie de facto verder zou uitbreiden, is het zinnig te luisteren: de wet zal later in oktober gestemd worden. Tussen 2 en 16 oktober 2013 blaast Vandana Shiva daarom verzamelen met het doel zoveel mogelijk stemmen te laten horen om het voorstel van de nieuwe Europese Zadenwet af te blokken. Het belang dient ons allen, het waarom vindt u hieronder in een (te korte) samenvatting van “De Wet van de Zaden”. Maar leest u het boekje vooral zelf.

Aanpassingsvermogen van het leven

“Evolutie is het proces waarbij de natuur haar selectieve vermogen uitoefent. (…) Wij hebben diversiteit nodig om die evolutie, en daarmee het aanpassingsvermogen van het leven, mogelijk te maken. En we hebben nood aan diversiteit zodat we de beste eigenschappen voor gewassen kunnen selecteren. Deze diversiteit is gedurende duizenden generaties gegroeid en het is onze plicht om ze veilig te stellen voor de toekomst.”

Stijgende homogenisatie

“De bevolkingsconcentratie in stedelijke gebieden en de toenemende vraag naar voedsel hebben onder meer geleid tot een toenemende mechanisering in de productie van homogene standaardgewassen en –planten. (…) In de jaren 1990 was 90% van het totale tarwegebied in Ierland bezaaid met amper zes variëteiten. Van de 7098 appervariëteiten de bij het begin van de twintigste eeuw in de VS bekend waren, is ongeveer 96% verdwenen. Ook zo voor 95% van de kool-, 91% van de mais-, 94% van de erwt- en 81% van de tomaatvariëteiten.”

Genetische erosie

“Als lokale soorten en variëteiten verdwijnen, gaat ook de genetische diversiteit die ze bevatten onherroepelijk verloren –inclusief de genen die ze gebruiken om zich aan te passen aan de omstandigheden waarin ze zijn geëvolueerd. Deze genetische erosie heeft de genenpoel die beschikbaar is voor natuurlijke selectie en de selectie door landbouwers en plantenkwekers gevaarlijk doen slinken. Het gevolg: landbouwgewassen worden gevoeliger voor plotse klimaatveranderingen en nieuwe ziekten en plagen steken de kop op.”

“Anti-evolutionaire” vereisten bevoordelen monopolist

“De evolutie naar een steeds homogenere plantenteelt werd gelegitimeerd door de invoering van zogenaamde ‘DUS-criteria’. In een aantal landen moet je minstens twee jaar ‘DUS-testen’ uitvoeren voor je een variëteit mag registreren.” De DUS-criteria houden voornamelijk in dat alle planten van een portie zaad hetzelde moeten zijn, in ruimte, maar ook in tijd (volgende generaties) . Dergelijke testen zijn uitermate kostelijk en bijvoordelen de grootschalige monopolistische corporaties. Ze staan bovendien lijnrecht tegenover het diversiteitsprincipe. Enkele grafieken om de monopolies en markt te illustreren zijn beneden toegevoegd.

God Move Over? Verouderde wetenschappelijke inzichten en voorbijgestreefde patenten

God Move Over (God, Uit de Weg!), wat staat voor GMO of Genetically Modified Organism, blijkt in het licht van de huidige wetenschappelijke inzichten onpatenteerbaar. Aan de basis van het patenteren van onze zaden ligt de voorbijgestreefde veronderstelling dat een gen rechtstreeks verantwoordelijk is voor de productie van de gewenste eigenschap van de plant: “De realiteit is anders, nog recent werd aangetoond dat de genetische veranderlijkheid die echt relevant is voor de productie, in het niet-coderende maar het regulerende gedeelte van het genoom ligt wat niet eens wordt vermeld in de regels voor intellectuele eigendomsrechten. “

Bovendien is de productie van de gewenste eigenschap door de plant afhankelijk van de natuurlijke en sociale (!) omgeving van de plant. Die bepaalt welke proteïnes geproduceerd worden en in welke hoeveelheden. Idealiter dient elke omgeving dus optimaal aangepast te worden aan de gewenste vereisten om het gen in de plant te activeren. Land, bodem, lucht, temperatuur, water, micro-organismen en lokale flora dienen dus beter globaal uniform te zijn, wil men profiteren van het genetisch kenmerk van de gepatenteerde zaden. In het Noordelijk halfrond leidt dit tot een intensivering van gebruik van chemicaliën en toxische stoffen. In het Zuidelijk halfrond leidt dit tot gelijkaardige maatregelen voor de kapitaalkrachtigen, en onproductieve velden voor zij die het financiëel niet kunnen dragen (zie grafiek “De Technologische Draaimolen” onderaan). In combinatie met overinvesteringen op basis van utopische beloften, een meer wispelturig klimaat en waterproblemen heeft dit de afgelopen 15 jaar voor de meer dan 100 miljoen ongeletterde boeren in Indië tot de zelfmoord van meer dan 200.000 moegetergde Indiase boeren geleid. God Move Over? Liever niet dus.

Conclusie

“Zaden zijn de eerste schakel in de voedselketen. Ze zijn het resultaat van duizenden jaren van evolutie en van duizenden jaren van inspanning van landbouwers. Het vrij winnen en uitwisselen van zaden is dan ook een eeuwenoude traditie. Zaden tonen de intelligentie van de planeet en van vele generaties van landbouwersgemeenschappen aan.”

Lees het boekje/pamflet/alternatief zelf: PDF-file hier.

Illustratie van de technologische draaimolen en geassocieerde continu stijgende kosten voor de landbouwer (Philip H. Howard , 2009, Visualizing Consolidation in the Global Seed Industry: 1996–2008, Department of Community, Agriculture, Recreation and Resource Studies, Michigan State University)

Vandana Shiva’s oproep om op te komen voor de ‘Act for Seed & Food Freedom’: 2-16 October 2013

Vandana Shiva bediscussieert het EU wetsvoorstel (EU parlement)

Global Citizen Report:

http://navdanyainternational.it/images/doc/Seed%20Freedom.pdf

De oorspronkelijke uitgave - The Law of the Seed

http://navdanyainternational.it/attachments/article/245/SEED.pdf

Global Seed Market (2006 figures, From: The Big Six, A Profile of Corporate Power in Seeds, Agrochemicals and Biotech, by Hope Shand, The Heritage Farm Companion, 2012)

Top 10 zadenbedrijven 2009

Via Yahoo! Finance a graph of stock value past 10 years for Monsanto and Syngenta

Monsanto (2009)

Syngenta

Cross licensing: Monsanto heeft het mondiale patent op een aantal genetische kenmerken die aan alle andere corporaties worden verdeeld via licenties. De machtsconcentraties zowel qua financiële slagkracht als kennis binnen een reeds sterk geconcentreerd oligopolie is de reden waarom Monsanto op de eerste plaats mee aan de tafel zit bij het ontwerpen van regionale wetgeving.

 

Rajendra Pachauri, chair of the Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC), photo by Kris Krüg for PopTech

De economische groei herdenken

Rajendra Pachauri, chair of the Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC), photo by Kris Krüg for PopTech

Rajendra Pachauri, chair of the Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC), photo by Kris Krüg for PopTech

“Het is vijf voor twaalf”, predikt Rajendra Pachauri. Als hoofd van de groep wetenschappers die het zevenjaarlijks rapport over de klimaatverandering publiceren, kan hij het weten. 27 september is zijn grote dag. Het eerste deel van zijn nieuw klimaatrapport - het 5de - wordt dan geopenbaard. Het belang ervan is moeilijk te onderschatten. De meeste regeringen zullen een deel van hun beleid voor de komende zeven jaar er op afstemmen.

We kunnen zelf kiezen hoe we met de natuur omgaan“, vervolgt hij, “het gaat zoals met boekhouden: wat we verbruiken, moeten we ooit vergoeden.” Hij werkt samen met honderden wetenschappers verspreid over de planeet. Het eerste deel van het rapport verzamelt vrijwel al de wetenschappelijke kennis over de klimaatverandering. “Mag ik toevoegen dat de mensheid zijn openstaande rekeningen compleet heeft genegeerd, verwaarloosd en totale onverschilligheid heeft getoond?”

En dan zegt hij het. Dat het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen nog steeds mogelijk is. Maar dat alle landen hun houding ten opzichte van economische groei dan dienen te herdenken. Het viel me op dat zelfs climateprogress deze vaststelling vergat te vermelden.

Economische groei herdenken dus? [...hier nam ik even adem, klikte weg naar Facebook, waar ik mijn account ook al zo lang wil afsluiten, en zag Plan C een artikel delen, "Economists forecast the end of growth"...]. De signalen zijn er. Growth shrinks. In de klassieke zin tenminste. Terwijl oproepen voor verandering gelanceerd worden, is er reeds een enorme groei aan initiatieven in de marge van de gevestigde trends. Initiatieven als het P2P netwerk, Peers, sharing en permacultuur zijn slechts enkele van de symptomen en ijkpunten van een maatschappij in een reeds langdurige transitie. Rajendra Pachauri mag dus rustiger slapen, het her-bedenken is bezig.

Ondertussen bestuderen de wetenschappers het effect van smeltende permafrost, gashydraten en andere onzekerheden. Dat kan dan in het rapport van 2020. Wachten op de eventuele uitputting van grondstoffen om ons gedrag te veranderen is onverantwoord. We hebben slechts een kritische massa nodig om met zijn allen te kunnen bewegen.

reducereuserecycle

Van 3R naar 4R of hoe duurzaamheid herstellen

Er ontbreekt iets aan de 3R (Reduce, Reuse, Recycle) filosofie van duurzaamheid. Het produceren van minder afval, het gebruik van minder materiaal, het creëren van een circulaire kringloop, allen leveren ze een voordeel dat vaak als een financiële besparing wordt uitgedrukt. De uitgespaarde kosten scheppen de mogelijkheid om meer aan te kopen. De extra aankopen verminderen vervolgens de impact van de oorspronkelijke duurzaamheidsmaatregelen. Ze kunnen deze zelfs volledig teniet doen. Een dergelijk mechanisme heet een rebound effect.

Een voorstel om dergelijke rebounds te vermijden is het herinvesteren van een kleine fractie van de besparingen in “environmental causes” of milieu-goede-doelen. Een herinvestering van slechts 1% van de uitgespaarde kosten blijkt voldoende te zijn. De publicatie van de berekening is hier te vinden (pdf-file): Restore: an R of sustainability that can tame the “conundrum” (23 juli jl.). Dit leidt tot het herstel-principe of “restore principle” dat stelt dat de voordelen voor het milieu dramatisch verhogen wanneer een fractie van de besparingen aangewend worden voor milieuherstel-projecten. Het 3R motto Reduce, Reuse, Recycle zou dus uitgebreid moeten worden tot Reduce, Reuse ,Recycle, Restore.

Een aantal voordelen van deze vierde pijler van de duurzaamheidsfilosofie zijn als volgt samen te vatten:

  1. Vrijwillig doneren aan milieu organisaties zal stijgen
  2. Vroegtijdige incorporatie van de vier pijlers zal de efficiëntie van de maatregelen sterk verhogen
  3. “Offset-cynisme” stelt offset mechanismen in vraag omdat die de motivatie zouden verlagen om te voorkomen eerder dan te genezen. Dit wordt nu vermeden aangezien met een stijgende reductie ook de offsets stijgen.
  4. “Rebound-cynisme” suggereert dat ten gevolge van rebound, de vele besparingen in feite nutteloos zijn. Dit wordt nu gecountered door het minimaliseren van de rebound via het herstel-principe.
  5. Het is eenvoudiger geldfluxen dan CO2-fluxen te meten wat het systeem vereenvoudigt
  6. Vertegenwoordigt een visie voor een tijd waarin het noodzakelijk kan worden de broeikasgassen uit de atmosfeer te verwijderen.
  7. Een grote motivatie voor duurzaamheidsinspanningen is de financiële besparing die het oplevert, door slechts een kleine fractie van deze besparing te gebruiken voor een herinvestering, blijft deze motivatie intact.

De publicatie concentreert zich op CO2 en de compensatie van “carbon offsets”. De grootte van het rebound effect voor CO2 uitstoot blijkt relatief gezien klein voor CO2 intensieve producten zoals electriciteit en zeer hoog (tot 100% en meer) voor producten met een gemiddelde CO2 intensiteit. Dit betekent dat voor efficiëntieprojecten die geen herstel-principe hanteren, de CO2 intensieve producten het grootste deel van de aandacht dienen te krijgen. Elke reductie van middelmatig intensieve CO2 producten loopt immers het risico teniet gedaan te worden door een herinvestering van de vrijgekomen middelen in meer producten met een gelijkaardige impact.

Het feit dat de gevraagde fractie voor herinvestering zo klein is dient een aanmoediging te zijn om deze piste verder te onderzoeken en toe te passen op de Europese situatie. Het toont aan dat een systeem van vrijwillige giften effectief kan zijn en een belangrijk resultaat zou opleveren. Een eenvoudig basisprincipe als het integreren van een fractie van de besparingen met goede doelen voor de planeet is een uitgelezen kans tot een kritieke bijdrage aan een leefbare planeet.

sustainia

Sustainia: 100 duurzame oplossingen

sustainia

De Deense netwerkorganisatie Sustainia heeft de “Sustainia 100” gepubliceerd: een gids met 100 oplossingen die onze economieën versneld kunnen helpen verduurzamen. De gids is een handige gids doorheen de bekendste duurzame oplossingen van dit moment. Sustainia claimt dat de 100 werden gekozen op basis van hun potentiële impact. De meeste van de 100 oplossingen zijn technologisch in de kern maar een deel van de duurzame innovatie zit vaak in de diensten die er rond worden gebouwd. De oplossingen werden ingedeeld in 10 categorieën: bouwen, voeding, mode, transport, IT, onderwijs, energie, gezondheid, steden en grondstoffen wat wijst op hoe het streven naar duurzame verandering niet beperkt is tot hernieuwbare energie en mobiliteit maar een heel breed domein is. Daarom ook dat Sustainia als netwerkorganisatie tracht bedrijven, ngo’s, overheden, kennisinstellingen,… met elkaar te verbinden, want duurzame transitie is quasi onmogelijk zonder alle maatschappelijke spelers aan boord te heisen.

Geen zin in steenkoolmogols of GMOs? Buycott toont wie je koopt.

De nieuwe app Buycott informeert informeert over wie je koopt. De barcode van een product scannen volstaat om op je mobiel de familie van ondernemingen te toveren waartoe het product behoort. De app loopt doorheen een relationele stamboom van bedrijven die doorlinkt tot de top conglomeraten.
Als gebruiker kan je ook registreren voor campagnes die opkomen voor bepaalde principes. Bedrijven die het doelwit zijn van dergelijke campagnes worden dan direct vermeld.

Volle aandacht

De applicatie werd ontwikkeld door een freelance software ontwikkelaar, Ivan Pardo, en staat nog in de kinderschoenen. Talloze producten dienen nog toegevoegd te worden, de ontwikkelaar hoopt dat shoppers hem hierbij zullen helpen. De app kreeg veel aandacht de laatste dagen, dit heeft een aantal problemen met de applicatie naar boven gebracht die momenteel opgelost worden.

On trend

De ontwikkeling van een dergelijke applicatie is reeds lang een droom van de bewuste consument. Directe toegang tot verborgen of moeilijk vindbare meta-informatie versterkt onze beslissingskracht. Bewust kunnen kiezen voor bedrijven die gelijkaardige kwalitatieve en ethische standaarden hebben, doet ons goed voelen en kan een grote impuls geven aan bedrijven om verder te gaan in hun duurzame engagementen. Enkele discussies vindt u hier (Forbes, Anti Koch Brothers smartphone app), en hier (Zeronaut, Foodness). Ook de fascinerende Sixth Sense demo van Pattie Maes sluit hier op aan.