Alle berichten van Floris Van Cauwelaert

Floris Van Cauwelaert is zelfstandig journalist en werkt als community manager voor Plan C, het Vlaams Transitienetwerk voor Duurzaam Materialenbeheer.
Processed with VSCOcam with f2 preset

Repareren is beter dan recycleren

Repareren is beter dan recycleren want recyclage is het uitstellen van wat in de afvalindustrie quasi onvermijdelijk blijkt: materialen worden gedumpt, verbrand of verdwijnen in het milieu. Bovendien spaart repareren heel wat op energie, aldus iFixit.

Je hebt dat zeker al meegemaakt: iemand die een geldige reden zoekt om de laatste nieuwe gadget te kopen, terwijl men nog een perfect werkend model heeft. Volgens Walter Stahel, grondlegger van de circulaire economie en recent nog te gast bij Plan C, zijn de typische voorwendsels daarvoor: ‘bigger, better, faster, safer’. Die 4 redenen worden typisch aangewend om een nieuw model te kopen. Ze worden vrijwel meteen als geldig argument aangenomen. Die redenen worden dan ook gretig gebruikt door reclamemakers. Zelf ben ik al meerdere keren in die val getrapt.

Bijbels idioot

Deel van de redenering valt ook terug op de redenering dat recyclage uitstekend werkt om materialen te hergebruiken. Dat is allesbehalve waar. Recyclage is in heel veel gevallen het vertragen van wat in de huidige lineaire economie gangbaar is: materialen worden gedumpt of verbrand. Zo wordt papier oogstens 7 keer gerecycleerd vooraleer het wordt verbrand. Papier van een krant gaat dus een week mee. De bijbelse vertaling daarvan is: op de zevende dag verbrandde hij wat hij die week gemaakt had?

De recyclagemythe

Crushed_Coca_Cola_can_can-wikimedia

Walter Stahel doorprikt de recyclagemythe met het voorbeeld van aluminium blikjes. Technologie laat toe om ongeveer 50% van het aluminium te recycleren en te hergebruiken. Een blikje frisdrank heeft een gemiddelde levensduur van 3 weken: van de productie van het blikje tot het consumeren van de frisdrank. Dus wie op 1 januari 1 ton aluminium gebruikt om blikjes te maken, weet dat er op 21 januari maximaal een halve ton van kan worden gerecupereerd. Tegen de maand mei is er van die initiële 1 ton, niets meer over. Kan je de recyclage opkrikken tot 90%, wat buitengewoon zou zijn, kan je die verbruikstijd verhogen tot 2 jaar.

‘Energetische valorisatie’

Recyclage is dus verre van volmaakt. Onze afvalindustrie zweert trouwens ook bij de ‘calorische waarde’ van materialen om er energie te winnen. Simpelweg door dat afval te verbranden en uit die verbranding energie te winnen. Zij noemen dat: ‘duurzaam afvalbeheer’ of ook ‘energetische valorisatie’. Of hoe je de sterk vervuilende verbranding duurzaam kan pimpen. Voor de afvalindustrie moet de afvalstroom zo stabiel mogelijk blijven, anders kunnen ze hun installaties niet in gang houden.

Repareren

Repareren is beter dan recycleren. Probeer de levensduur van je producten zo lang mogelijk te maken en geef niet toe aan de ‘bigger, better, faster, safer’. De producenten Apple, Samsung, HTC ea. gaan ons daar niet bij helpen - ze weigeren soms spullen te repareren en verplichten je vaak een nieuw apparaat te kopen. Daarom is iFixit zo interessant. Dat is een peer-to-peer platform waar mensen reparatietechnieken voor smartphones en andere huishoudelijke producten uitwisselen. Als er iets moet veranderen, dan zal het van onderuit moeten komen.

wafelijzer

Keukenbibliotheek nieuwe aanwinst deeleconomie

wafelijzerToronto heeft sinds kort een keukenbibliotheek ‘The Kitchen Library‘. Wie voor speciale gelegenheden keukenmateriaal wil ontlenen kan er terecht. De keukenbibliotheek wordt samengesteld op basis van donaties. Wie er graag wil aan meewerken en thuis plaats wil uitsparen, kan dus spullen leveren. The Kitchen Library voorziet in onderhoud en reiniging en vraagt ontleners om materialen steeds proper terug te brengen.

Zo bereikt de deeleconomie nu ook de foodies. Want wie meesurft op de kookgekte, moet soms investeren in gereedschap. Een keukenbibliotheek kan die pijn verzachten. Zo’n bibliotheek, als centrale plaats voor het delen van spullen, vermindert ook de frictie van de deeleconomie.

Het project in Toronto werd opgestart door Dayna Boyer (@dayna_boyer), die al erkenning kreeg van het Canadese Centre for Social Innovation en werd opgenomen bij de ‘Agents of Change‘. The Kitchen Library werkt nauw samen met de Toronto Tool Library die een ruimer aanbod heeft, waaronder 3D-printers.

Bron: Treehugger

How-We-Live-documentary-Meghan-Horvath-5

Europese energiehonger in stillevens

How-We-Live-documentary-Meghan-Horvath-5 How-We-Live-documentary-Meghan-Horvath-3 How-We-Live-documentary-Meghan-Horvath-1 How-We-Live-documentary-Meghan-Horvath-4 How-We-Live-documentary-Meghan-Horvath-2

De korte documentaire “How we live” van Meghan Horvath op Vimeo brengt de frontlinies van de Europese energiehonger in beeld. Dit in de vorm van stillevens en lokale verhalen uit Wales, Georgië, Servië en Brusselse Europese hoofdkwartieren. De toon wordt gezet met fotografie in de vorm stillevens vol melancholie. De beelden tonen de veranderende landschappen die hun emotionele impact op de lokale bevolking niet missen. Knap document.

3D-printing

Geef leerlingen 3d-printers en ze worden ‘makers’

leon-mccarthy-ny-daily-news

© NY Daily News

Rust scholen uit met 3D-printers en de leerlingen worden ‘makers’. Ze zullen zelf spullen uitvinden en goedkoop, lokaal fabriceren. Dat kan beginnen bij een hand en eindigen bij een geavanceerde maar goedkope robotarm, zoals de jonge genie Easton LaChappelle deed.

Dankzij de samenwerking tussen zijn vader, een uitvinder in Zuid-Afrika en een leraar uit de buurt, heeft de Amerikaanse tiener Leon McCarthy, geboren zonder vingers aan zijn linkerhand, een kleurrijke prothese waarmee hij spullen kan oppakken en een bal kan vangen. De prothese is gemaakt met een 3D-printer die de leraar op school kan gebruiken. Het materiaal kost hooguit 5 euro. Dit terwijl commerciële modellen typisch gaan van 5.000 tot 55.000 euro.

Kans is groot dat de 12-jarige Leon zijn hand binnenkort zelf kan verbouwen. Om zijn nieuwe hand te maken werd ook nauw samengewerkt met de online community e-NABLE op Google+ dat zich specialiseert in het maken van goedkope protheses met behulp van 3d-printing.

Sustainable social infrastructure for assistive technologies

Jon Schull, één van de beheerders van e-NABLE publiceerde volgend diagram in de community:
John-Shull-E-Nable
Het is een schema voor hoe makers, families en scholen kunnen samenwerken in wat hij noemt een “sustainable social infrastructure for assistive technologies”:

“Our overarching goals are to innovate devices, kits, guides, and a loosely-joined but sustainable social infrastructure for assistive technologies, starting with hands. ‘Sustainable’ means a working ecosystem in which makers, devices, and enabled clients/partners inspire and nurture more makers, devices, and enabled partners.”

Scholen uitrusten

Het voorbeeld van de protheses kan worden uitgebreid naar nog meer vormen van design en technologie. Rust de scholen uit met 3d-printers, Arduino-kits ea en je creëert een generatie programmeurs, productontwikkelaars en technologen. Ze zullen zich een heel nieuw alfabet eigen maken om hoogtechnologische producten te fabriceren. Niet iedereen is zo geniaal als Easton LaChappelle maar zijn verhaal is een fantastische illustratie van wat mogelijk wordt. Zie hieronder zijn TEDx-presentatie. En daaronder ee reportage over de prothese van Leon McCarthy.

Easton LaChappelle, lezing op TEDxMileHigh

Reportage over Leon McCarthy

auto-cuba-floris-van-cauwelaert

Marc Andreessen: “Jongeren vandaag bezitten liever smartphone dan auto”

auto-cuba-floris-van-cauwelaert

In een interview met CNN Fortune zegt Marc Andreessen twee intrigerende dingen over mobiliteit: Het eerste is een denkoefening met als centrale probleemstelling: wat als je een perfecte match kan maken tussen vraag en aanbod op het vlak van transport? Het tweede is een stelling over de jeugd van tegenwoordig: die willen, om vrij te zijn, in de eerste plaats liever een smartphone bezitten dan een auto. En wat die auto betreft: als ze maar toegang hebben tot de functie ervan, hoeven ze die niet per sé te bezitten. Waarmee de contouren van een nieuw begrip van vrijheid zich aftekenen. Marc Andreessen is niet de minste. Hij is als mede-oprichter van Mosaic en Netscape internet-pionier. Vandaag geldt hij als één van de meest invloedrijke venture capitalists in Sillicon Valley.

1ste citaat: de denkoefening

Over hoe wat er gebeurt als er in transport een perfecte match ontstaat tussen vraag en aanbod. Te weten, vandaag al bestaan hier interessante experimenten rond van Zipcar, Uber en vele anderen.

“(…) what if access to cars was just automatic? What if, whenever you needed a car, there it was? And what if other people who needed that same ride at that same time could just participate in that same ride? What if you could perfectly match supply and demand for transportation?

Taken a step further, what if you could bring delivery into it? Two people were going to drive between towns, and there was also a package that needed to go. Let’s also put that in there so we can fill a seat with a package. Just run the thought experiment and say, “What if we could fully allocate all the cars, and then what if we could have the cars on the road all the time?”

And of course the answer is a whole bunch of things fall out of it. You’d need far fewer cars. The number of cars on the road would plummet by 75% to 90%. You’d instantly solve problems like congestion. You’d instantly solve a huge part of the emissions problem. And you’d cause a huge reduction in the need for gas. And then you’d have this interesting other side effect where you wouldn’t need parking lots, at least not anywhere near the extent that you do now. And so you could turn a lot of parking lots into parks.”

2de citaat: jongeren en auto’s

Over hoe jongeren liever flexibel toegang hebben tot de functie van een auto, dan de auto echt te bezitten (en af te betalen).

“Take teenagers 20 years ago and ask them would they rather have a car or a computer? And the answer would have been 100% of the time they’d rather have a car, because a car represents freedom, right? Today, ask kids if they’d rather have a smartphone or a car if they had to pick and 100% would say smartphones. Because smartphones represent freedom. There’s a huge social behavior reorientation that’s already happening. And you can see it through that. And I’m not saying nobody can own cars. If people want to own cars, they can own cars. But there is a new generation coming where freedom is defined by “I can do anything I want, whenever I want. If I want a ride, I get a ride, but I don’t have to worry. I don’t have to make car payments. I don’t have to worry about insurance. I have complete flexibility.” That is freedom too.”

BP-oil-equivalents-2013

Meest deprimerende grafiek van het jaar: wereldenergieconsumptie

BP-oil-equivalents-2013
Terwijl van de klimaattop in Warschau vooral impotentie wordt verwacht, is een kleine reality-check al even nuttig als deprimerend. Bron daarvoor is de ‘BP Statistical Review of World Energy June 2013‘ (pdf) waarin op pagina 42 bovenstaande grafiek van de wereldenergieconsumptie van de laatste 25 jaar staat afgebeeld (me doorgespeeld door een familielid). Klimaatverandering wordt volgens het IPCC veroorzaakt door de mens, en afgaand op de grafiek is die niet snel geneigd daar iets aan te veranderen. De enige manier om die trend om te buigen is het gebruik van fossiele brandstoffen zwaar te belasten want de kolen-, olie- en gasreserves die zullen pas uitgeput zijn als het te laat is.

24hoursofreality

#CostOfCarbon nu live - de klimaat show van Al Gore

24hoursofreality

Kort berichtje om te melden dat de 24 uur durende tv-show over klimaatopwarming en de ‘kost van koolstoffen’ zonet is begonnen. Wat denken jullie hier van, laat gerust van horen hieronder. De show an je volgen op 24hoursofreality.org. Of via #costofcarbon op Twitter:


Het recht op repareren met 3D printers

3D printers bieden heel wat mogelijkheden voor het snel en gemakkelijk herstellen van spullen. Alleen mag dat niet zomaar. Daarom moet er dringend werk worden gemaakt van het recht op het repareren van spullen (met 3D printers).

3D printen (en aanverwante technologieën) wint aan populariteit en worden vaak bij de meest disruptieve technologieën gerekend die vandaag doorbreken. De prijs van instapmodellen voor gebruik thuis zakken onder 1000 euro en komen dus binnen bereik van hobbyisten (een voorbeeld daarvan uit eigen land is de Velleman K8200) Eén van de interessante toepassingen van additive manufacturing is de mogelijkheid om op maat gemaakte vervangstukken te fabriceren. Ideaal voor het herstellen van spullen in pakweg een Repair Café of je eigen garage. Daar kunnen wat probelemen van komen.

Niet conform

Want stel dat je de knop van je droogmachine op die manier herstelt, is je onderhoudscontract dan nog geldig? Die problematiek stelt zich al veel langer in de autosector waar onafhankelijke garagisten en producenten van vervangstukken (witte producten) een ‘Right to Repair‘ eisen. Of om die gedachtengang nog verder door te trekken: als je zelf je toaster herstelt, wordt je brandverzekering dan duurder omdat je toaster niet meer conform is aan de CE-reglementering?

3D-Napster

Al snel krijg je ook te maken met het probleem van intellectuele rechten. Als ik vervangstuk heb gemodelleerd naar een origineel en die digitale file online deel, berokken ik de oorspronkelijke productent dan schade? In 2010 al schreef Michael Weinberg een paper over dit probleem. De vraag is dan of herstellen met 3D-printing zal geassocieerd worden met het illegaal downloaden. Weinberg denkt van wel.

Recht op Repareren

Eens 3D-printers gebruiksvriendelijker worden, wordt herstellen een makkie. Je scant het oorspronkelijke stuk dat kapot ging en op de computer herstel je het naar oorspronkelijke vorm en klikt op “Druk af”. Klaar. Het ‘recht op repareren’ moet het recht zijn van iedere consument. Niet in het minst omdat het ecologisch zinvol is.

171718124-Climate-After-Growth-1

“Groei stimuleren belangrijker dan klimaatactie?”

Climate-After-Growth-cover

Is groei stimuleren belangrijker dan klimaatactie? Over die vraag hebben Asher Miller, directeur van het Post Carbon Institute, en Rob Hopkins, pionier van de transitiebeweging, de gezamenlijke paper “Climate after Growth” geschreven. Ze leggen daarmee de vinger op de wonde voor de klimaatactivisten. Zij riskeren immers de schuld te krijgen van een sputterende economie als er veel middelen naar klimaatactie stromen. Terwijl in hun hoofd (en het mijne) zonder klimaatactie een ietwat stabiel economisch bestel steeds minder kans maakt te overleven. Misschien is ‘Green Growth’ of de ‘Blue economy’ dan het antwoord? De auteurs noemen dat een dwaling. Zij stellen dat een groei van BNP die we hebben gekend in het fossiele-brandstoffen-tijdperk tot het verleden behoort. Als alternatief pleiten Miller en Hopkins ervoor dat gemeenschappen bouwen aan hun lokale veerkracht waarbij de focus ligt op basisnoden:

“By growing community resilience, environmentalists can offer an alternative to the “growth at all costs” story, one in which taking control of our basic needs locally has multiple benefits: creating new enterprises and meaningful work; increasing well-being rather than GDP; reducing greenhouse gas emissions and dependence on fossil fuels; addressing social and economic inequities; and building the social cohesion necessary to withstand periods of crisis; and perhaps most critically, showing a different way.”

Minstens als denkoefening loont het de paper door te nemen. Wie geen tijd heeft, vindt hieronder de belangrijkste grafische data uit ‘Climate after Growth’.

171718124-Climate-After-Growth-10

171718124-Climate-After-Growth-11

171718124-Climate-After-Growth-14

171718124-Climate-After-Growth-16

171718124-Climate-After-Growth-27

Copenhagenize-gids

Copenhagenize-gids tot de leefbare stad in 6 beelden

Minder auto’s. Meer voetgangers, fietsen en openbaar vervoer. Dat is de weg naar de leefbare stad volgens de designers van Copenhagenize. In hun woorden:

Copenhagenize.com started in 2007, highlighting the cycling life in Copenhagen. 40 years ago Copenhagen was just as car-clogged as anywhere else but now 36% of the population arriving at work or education do so on bicycles, from all over the Metro area. 50% of Copenhageners themselves use bicycles each day. They all use over 1000 km of bicycle lanes in Greater Copenhagen for their journeys. Copenhagenizing is possible anywhere.

Of, vertaald in 6 infografieken wordt dat:

A Short History of Traffic Engineering

Copenhagenize Traffic Planning Guide

The Copenhagenize Bicycle Planning Guide

Bron: Mikael Colville-Andersen (Flickr)