Dagelijks fietsen gezonder dan wekelijks fitnessen

3454046996_54c46342b3_o

Fietsen is gezond, zoveel is zeker. Maar een reeks studies toont aan dat de impact groter is dan je misschien vermoedde. Pendelen met de fiets is zelfs effectiever dan naar de fitness gaan om je gewicht onder controle te krijgen. Haal die fiets dus maar van stal.

Tijdens een studie controleerde Takemi Sugiyama gedurende 4 jaar het gewicht en de fysieke inspanning bij 844 volwassenen. Gemiddeld kwamen zowel fietsers als automobilisten gewicht bij tijdens de testperiode maar het verschil tussen beide groepen was toch significant. Zelfs al sport je regelmatig tijdens je vrije tijd, dan nog heeft pendelen met de fiets een positieve impact om je gezondheid. Fitness combineren met dagelijkse autopendelen bijvoorbeeld is niet voldoende. Zo waren zij die fietsen combineerden met sporten in de vrije tijd de enige groep die geen gewicht bijkwam. De onderzoekers raden overheden en werkgevers dan ook aan om de ‘zittijd’ zo beperkt mogelijk te maken.

Ook eerdere studies toonden duidelijk aan dat enkel sporten tijdens je vrije tijd onvoldoende is om overgewicht tegen te gaan. Een Australische studie uit 2008 raadt zelfs een dagelijkse inspanningsperiode van 60 tot 90 minuten aan. Uiteraard is het niet evident dit in te passen in je drukke agenda en de aanbeveling is dan ook om te pendelen met de fiets naar het werk om dit te realiseren.

Het grootste probleem met fitness en andere sportactiviteiten in je vrije tijd is het simpele feit dat deze concurreren met je andere hobbies en interesses. De aanwezigheid van fietspaden, fietsostrades, fietsstallingen, … is dus cruciaal om de omslag te realiseren door de inspanningen te verplaatsen buiten ‘vrije tijd’-tijd. Het bewijs daarvan komt uit Portland. De stad heeft een van de betere fietsinfrastucturen in de Verenigde Staten en dat vertaalt zich ook naar de gezondheid van zijn inwoners. Een meerderheid van de fietsers haalt zo elke week vlotjes het aanbevolen aantal minuten lichaamsbeweging.

goed eten

Goed Eten – Een jaar proeven, koken en zoeken naar een eerlijke keuken

De Standaard journaliste Dorien Knockaerts kersvers kookboek ‘Goed eten’ begint met een citaat van Mme Zsazsa:

“Eindelijk! Ik was twee jaar geleden ei zo na begonnen met een facebookgroep ‘Dorien Knockaert moet een kookboek maken’.”

En gelijk had Mme Zsazsa!

Dorien Knockaert schrijft haar verslag neer van een jaar lang anders leren eten. Gezonder. Milieubewuster. Verstandiger. Trager. Met meer plezier.

Als lezer wordt je betrokken in een verhaal dat begint op reis. Het hoofdpersonage neemt je mee op een weekendje Ardennen in het eerste hoofdstuk ‘Bij een blauwe Chimay, en nog eentje, en een bizon.’

Wat volgt is het denkproces van een intelligente vrouw, die met haar kennis over de vele hedendaagse milieuproblematieken de lijn doortrekt naar haar eigen levensstijl.

De recepten die ze gaandeweg leert kennen, overneemt, uitbreidt en/of toepast zijn op zijn minst opwindend te noemen. Je komt ze tegen in het verhaal, wordt erin betrokken, wordt uitgedaagd om er zelf mee aan de slag te gaan, met tips allerhande.

De sterkte van het boek is de pragmatische kant ervan.
Als lezer herken je jezelf in haar situatie: de dagelijkse realiteit waarin je leeft als vegetariër in een grootstad als Antwerpen met haar vele gezichten, als werkende vrouw bij een grote krant, als vrouw van die van de Fixkes, als vriendin, als dochter van een Kempische familie, als communicatieverantwoordelijke van een vzw,…

Je gaat van recept, naar een reflectie over het werken met Voedselteams – het wekelijks ontvangen van een mand groenten, fruit, zuivel, enzomeer van producenten uit de streek – en hoe je zo’n fijn korte-keten concept implementeert in je eigen levensstijl; naar een bezoek aan kippenboeren, varkenstelers, duurzame vissers; naar meer recepten, en meer ideeën.

Zelf ontdekte ik tijdens het lezen en uitproberen dat koken niet per se duur, saai of tijdrovend hoeft te zijn.

- Koken kan onverwacht goedkoop zijn als je je laat inspireren door de traditionele overschotjeskost van Italië - de zogenaamde Cucina povera.
(Hoofdstuk ‘Rock-‘n-roll voor restjes’)
- Koken kan creatief en goed zijn voor de planeet.
(Hoofdstuk ‘Het goede-moedersyndroom’)
- Koken kan ook anders.
(Hoofdstuk ‘De Wonderbaarlijke bijvangst’)
- Koken kan veelzeggend zijn.
(Hoofdstuk ‘Taart is een taal’)
- Koken kan diervriendelijk zijn.
(Hoofdstuk ‘Zondagskippen’)
- Koken kan betekenisvol zijn.
(Hoofdstuk ‘De risottofilosofie’)
- Koken kan zelfs gemeenschapsvormend zijn!
(Hoofdstuk ‘Garagegroenten’)
- Koken kan zomers, ontspannend en zélfs (bio)diversiteitsbevorderend zijn.
(Hoofdstuk ‘Niet aarzelen, picknicken’)
- Koken kan bevredigend zijn.
(Hoofdstuk ‘Is er leven zonder kaas?’)
- Koken kan moeiteloos en gemakkelijk zijn.
(Hoofdstuk ‘De luie lunchbox’)

Het denkproces van deze vegetariër eindigt bij een wetenschappelijke literatuurstudie en de uiteindelijke vaststelling dat ze nu veganistisch is geworden, maar dan wel een ‘vier-vijfde veganist’, een zelf verzonnen titel die ze zichzelf trots toedicht.

“…Ook rond mij is er in kleine stappen veel veranderd. In mijn tuin stond vorige zomer niets eetbaars, op een klein sprietje oregano na. Nu groeien er een vijgenboom, bosaardbeien, drie appelbomen, citroenmelisse, rabarber, rucola en nog een hele reeks andere keukenkruiden. De oregano heeft zich triomfantelijk voortgeplant en steekt overal de kop op: tussen de terrasstenen, in de borders, tegen het compostvat. Elke maaltijd thuis sluit ik af met wat gerommel in mijn tuintje: gras uittrekken rond de kruiden, reukerwten of hortensia’s plukken, kijken of het warmoes er eindelijk doorkomt. Drie keer heb ik al warmoes gezaaid, telkens gaat er iets fout.

Mijn moeder en ik delen vier kippen die ons helpen bij het verwerken van keukenrestjes, en die ons goedgezind maken. Mijn moeder wil weekvegetariër worden. Mijn man is veganist aan het worden, maar dan wel een veganist die nog eieren eet van de kippen van zijn vrouw. Wanneer ik hem koffie met sojamelk zie brouwen, haal ik mijn neus op en prijs ik mij gelukkig: ik was toch al altijd meer een theedrinker.

Twee vriendinnen zijn volledig veganistisch geworden, hun kinderen ook. Twee vrienden hebben aangekondigd om voortaan enkele keren per week vegetarisch te koken voor hun gezin. Ik denk niet dat daar al veel van in huis is gekomen, maar zodra dit boek af is, zal ik hen bestoken met ongevraagde goede raad. Er zal geen weg terug zijn.”

Het boek is een inspiratie op zich om zelf een duurzaam en ethisch verantwoord keukenprins(es)je te worden, en biedt je alle tools om zelf aan de slag te gaan.

Links:

www.debezigebijantwerpen.be (De uitgeverij waar je het boek online kan bestellen.)

jongesla.wordpress.com (De persoonlijke kookblog waar dit verhaal begon, en waar het ook zal verder gaan. Met recepten, nieuws, observaties en ruimte voor discussie.)

 

Trend: huidige tienjarigen leven minder lang dan hun ouders

We bewegen minder en minder. Fysieke inactiviteit is nu al een grotere doder dan roken. Fysieke inactiviteit verhoogt niet enkel de druk op economieën - “it can bankrupt economies” - maar de menselijke kost is “onaanvaardbaar”. Dat staat te lezen in het rapport ‘Designed to Move‘. De cijfers in het rapport zijn frappant. Zo zal een Chinees gemiddeld 51% minder bewegen in 2030 dan in 1965. De vooruitzichten zijn niet veel beter voor Amerikanen (-46%), Britten (-35%) en Brazilianen (-34%).

Levensverwachting kinderen

Het rapport besteedt vooraal aandacht aan kinderen. Kinderen die sporten en bewegen scoren op alle vlakken hoger, qua levensvreugde, intelligentie, gezondheid…. Maar de afname van fysieke activiteit bij hen is nog drastischer dan de hierboven vermelde gemiddelden. Samengevat zullen hun levens minder kwalitatief zijn … en 5 jaar korter. De huidige tienjarigen zijn de eerste generatie van de moderne tijd die een lagere levensverwachting hebben dan hun ouders.

Ontworpen om te bewegen

De campagne ‘Designe to move’ is er op gericht kinderen weer aan het bewegen te krijgen met een coherent geheel aan richtlijnen, ondersteund door uitgebreid wetenschappelijk onderzoek. Zo worden twee algemene doelstellingen geformuleerd: geef kinderen vroege, positieve ervaringen met sport en spel. En, integreer fysische activiteit in het dagelijkse leven. Het rapport bevat 10 algemene voorschriften, veel aandacht gaat daarbij naar het designen van stimulerende omgevingen aangepast aan de verschillende leeftijdsgroepen:

  1. Geef extra aandacht aan de kindertijd, bij kinderen jonger dan 10.
  2. Design programma’s voor vroege positieve ervaringen in opvoeding, sport en spel.
  3. Geef speciale aandacht aan de school als het fundament voor positieve impact.
  4. Combineer middelen op het niveau van de gemeenschappen.
  5. Gebruik digitale platformen als hefbomen.
  6. Investeer in & recruteer diverse rolmodellen.
  7. Design fysische activiteit in de woon en bouwomgeving
  8. Breng sectoren die gemeenschappelijke doelen hebben op één lijn.
  9. Herevalueer positieve prikkels en stimuli in school en gemeenschap.
  10. Kom op tegen signalen die de huidige norm versterken.

Waaier positieve effecten

De positieve effecten van sport en fysieke activiteit zijn uiteraard bekend. Maar het rapport geeft een opsomming, gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek, met zo’n indrukwekkende waaier aan positieve effecten van sporten, dat geen enkele beleidsmaker, onderwijsinstelling en ouder er blind kan voor blijven:

‘Designed to Move’ is initiatief van van de American College of Sports Medicine, Nike en de international Council of Sport Science and Physical Education. ShiftN uit Heverlee werkte er aan mee.